Search
  • Fré

VERRE VAN VERLICHT.

Updated: Dec 12, 2020


Sven kwam gisteren langs, op de motor. Hij was die ochtend teruggekomen van een lange reis uit India, en zag eruit als een vrolijke hippie. Hij rook naar kruidige poep. Naast allerhande Indiase snacks, die hij uit plastic zakjes in schaaltjes liet vallen, bracht hij me nog voor mijn verjaardag een kado. Het was een schoppenvormig blad, afkomstig van de bodhiboom, de boom waaronder Buddha zijn verlichting had gevonden. Hij had het blad ingelijst en er een feestelijke tekst bijgeschreven.

Terwijl ik het blad bewonderde gleed zijn blik de kamer rond, en ontwaarde mijn nieuwe muziekinstallatie. Ha! riep hij, terwijl hij de box aanzette en naar de piano liep. ‘Er moet meer muziek gemaakt worden!’ Hij begon een Shaffy nummer te rammen op de piano, en ik ging in de wc het schilderijtje ophangen. Boven het pianogetingel uit schreeuwde hij:

‘Ik heb een hele leuke gast ontmoet, ook vrijgezel trouwens, hij kan alle instrumenten spelen. Misschien moeten we daarmee een Tom Waits-achtige band gaan beginnen. Hij heet Jeroen Zweers’.

Op dat moment gebeurde er van alles met mij.

Omdat ik al jaren een soort-van vrijgezel bent (dat soort-van leg ik later nog wel eens uit) en eindelijk had bedacht dat ik wel weer eens klaar was voor een leuke nieuwe relatie, ging heel even het ‘relatiepotentie’ lichtje aan in mijn hoofd, bij de woorden: ‘..Een leuke gast die alle alle instrumenten kan bespelen’.

Maar dat lichtje ging direct uit bij het horen van zijn naam, of specifieker, zijn achternaam: Zweers. Terwijl ik een spijker in de muur ramde zag ik mezelf denken: 'iemand met zo’n naam kan niks voor mij zijn’.

Tot mijn grote schrik was deze gedachte bloedserieus. Ik keek er nog eens naar, liep om de gedachte heen, trok er een beetje aan, maar deze bleef rustig zitten op de plek waar ie was. Ik meende het kennelijk echt. Ik had serieus een potentiele liefdeskandidaat afgezworen puur en alleen op de achternaam Zweers.

Sven ramde door op de piano en ik zeeg neer op de toiletrand.

Als ik iemand al kon verwerpen op een achternaam, wat waren er nog meer voor onbewuste piketpalen die ik had geslagen om het land van mijn liefde?

Geestdriftig maar ook een beetje angstig begon ik mijn geest te onderzoeken, terwijl Sven aan de shaffy-cantate begon.

Een verkeerde achternaam dus.

Iemand uit Weesp.

Iemand die nooit wijn drinkt.

Geen werk.

Geen kin.

Vlassig haar.

Iemand met een Limburgs accent.

Iemand die kaars uitspreekt als ‘kaas’.

Ik remde mezelf af want er doemde een eindeloze lijst met no-go’s op. Kennelijk was een bepaald soort persoonlijkheid geen eerste vereiste; maar ging het dus hierom.

Andermaal ontdekte ik wat voor verschrikkelijk persoon ik eigenlijk was.

Sven zat inmiddels in de tuin in de zon een liedje te neurien. Ik trok door terwijl ik gepiest noch gepoept had. Het bodhi blad hing recht, en terwijl ik naar de tuin liep besefte ik dat ik, elke keer als ik stront zou laten verdwijnen en doen toevoegen aan de grote publieke oersoep, mezelf eraan mocht herinneren dat ik in ieder geval nog verre van verlicht was.

14 views0 comments

Recent Posts

See All